Abraham de Kadt
- Details
Aantekeningen van Marijn van Dantzig in het familieboek.
Oom Bram was vergeleken met zijn twee broers, Dolf en Sam een beetje een buitenbeentje, enigszins in de contramine, minder "a man of propertyt", meer op algemene ontwikkeling ingesteld. Hij speelde wat schaak, had een mooie verzameling kunstboeken, zijn huis was smaakvol ingericht, maar in zaken was hij minder succesvol. Als jongen weggelopen uit een slagerij, werd hij later directeur van telkens een andere fabriek van de Van de Berghs; in Kleef leerde hij daarbij zijn vrouw kennen.
Zij woonden omstreeks 191O in Kralingen; toen associeerde hij zich met een koopmanshuis in Hamburg; het gezin ging wonen in Harburg. Ik meen te weten dat oom Bram zijn partners niet had verteld dat hij Jood was, en dat ze hem, toen dit bekend werd, weer uitgekocht hebben. De familie ging (ca. 1912/1913?) in Schiedam wonen in een mooi dubbel herenhuis in de Lange Nieuwstraat, Waar ik in 1915 een Paasvacantie bij hen doorbracht.
Huis Spoorsingel waar tante Paula en oom Bram woonden ca. 1929 - 1940. Het huis kwam later bij hotel Regina.
Mijn oom richtte in Schiedam een handelsmaatschappij op, handelde naar ik meen in olien, maar later ook in gymnastiektoestellen. Na een reis naar Noord-Amerika, waar hij een griepaanval kreeg, leed hij geruime tijd aan een ernstige slaapziekte, waarvan hij langzaam toch geheel herstelde. Hij raakte toen ook in zakelijke moeilijkheden, en mijn oom en tante kwamen tijdelijk in te wonen bij mijn oom Abram en tante Anna; later huurden zij een huis aan de spoorsingel, waarvan de bovenverdieping als kantoor werd ingericht. Gedurende de oorlog namen zij hun intrek in Hillegersberg, weer bij mijn oom en tante Van Dantzig-de Kadt. Zij beleefden daar zeer smartelijke dagen door de arrestatie van hun zoon Herman, en later het overlijden van hun zoon George, schoondochter en kleinkinderen in Leeuwarden. De twee echtparen werden op transport gesteld, maar tante Paula werd eerst in het Joodse ziekenhuis in Rotterdam opgenomen. Zij werd later ook naar Westerbork en verder overgebracht.
Oom Bram werd van Westerbork wegens een oogkwaal naar het ziekenhuis in Groningen vervoerd, en vandaar ontvoerd door Annie Zijffers, de kinderjuffrouw van het gezin van Dr. George de Kadt, die de baby David-Jan gered had, en haar nicht, zuster Jet van Sinderen. Hij bleef met Annie Zijffers en David-Jan gedurende de rest van de bezetting ondergedoken, en vestigde zich later met hen in Bussum, waar hij in 1948, terwille van zijn twee overgebleven kleinkinderen Juup en David-Jan zijn 8Oe verjaardag vierde.
Hij wilde graag geloven dat "de" eigenlijk het Franse woordje "de" was
Hij gaf mij - ik weet niet meer vóór of na de oorlog - gegevens voor dit familieboek betreffende de familie De Kadt. Hij wilde graag geloven dat "de" eigenlijk het Franse woordje "de" was, vooral nadat hij eens in Wenen op een Schaatsclub was toegelaten nadat hij zijn naamkaartje had getoond. (Een van de aardige anecdotes die hij graag vertelde).
Last Updated on Saturday, 05 May 2012 09:07
